Sonata Muziekonderwijs

Lestip 3: Inspelen op de groep

De ene dag is de andere niet. Is er storm op komst? Dan merk je dat al in de dagen ervoor aan de onstuimige energie van de kinderen. Op andere dagen zijn de kinderen juist niet vooruit te branden. Met je muziekles kan je inspelen op deze dynamiek in de groep. Is je groep te druk of juist te rustig wanneer jij je muziekles wil geven? Met een andere introductie betrek je de kinderen bij je les.

Te druk

Voor vandaag heb je een muziekles voorbereid die veel vraagt van de concentratie van de kinderen. Maar helaas zijn de kinderen juist deze dag té druk om aandachtig te luisteren of om hun beurt af te wachten bij het spelen op instrumenten. Herken je dit?

Kies dan voor andere actieve elementen om je les mee te beginnen. Zoals:

  • Zingen
    Zing met je groep een vlot lied dat past bij het onderwerp van je les. Eventueel met een (ondersteunend) bewegingsspel.
  • Bewegen of dansen
    Kan je je luisteropdracht op een actieve manier aanbieden? Zoals met een opdracht om mee te bewegen bij de muziek? Of kan je de kinderen eerst laten dansen op de muziek of het liedje, dat ze daarna met instrumenten gaan begeleiden?

Op deze manier ontlaad je de energie bij de kinderen en is er weer ruimte om met meer concentratie te luisteren of te spelen.

Te rustig

Op een andere dag zit er juist te weinig pit in de groep om enthousiast te zingen. Of de kinderen zuchten en steunen over de beweeg- of dansopdracht. Kies dan eerst voor actieve luisteropdrachten*.

Voordat je de kinderen het lied laat zingen, of uitnodigt om mee te bewegen of te dansen op de muziek, activeer je de kinderen met gerichte luisteropdrachten bij dit lied of deze muziek. Bij een actieve luisteropdracht geef je, voorafgaand aan het luisteren naar de muziek of het lied, de luisteropdracht. Daarmee prikkel je de leerlingen om actief én met aandacht te luisteren en na te denken over wat ze horen.
Bijvoorbeeld:

  • Het lied dat je deze les wil zingen introduceer je als luistervoorbeeld. Stel vragen over de tekst of over de melodie.
  • De muziek waarbij je de beweeg- of dansopdracht wil geven laat je eerst horen met gerichte luistervragen. Bijvoorbeeld over de vorm of opbouw van deze muziek.

Daarna kom je terug op de les zoals je deze hebt voorbereid.

*Tip: Heb je inspiratie nodig bij het bedenken van actieve luisteropdrachten? In de blog Lestip 7: Wat zijn goede luisteropdrachten? vind je een overzicht van luistervragen en luisteractiviteiten

Wisselen van domein

De activiteiten die ik hiernaast noem heten in het muziekonderwijs ‘Domeinen’. Deze zie je terug in de buitenste ring van het Klank-Vorm-Betekenis-model.

Om aan te sluiten bij de dynamiek van je groep kies je uit één van de andere activiteiten uit de buitenste ring om via die omweg de groep in de juiste stemming te krijgen voor jouw muziekles. Bijvoorbeeld:
– In plaats van zingen ga je juist eerst bewegen met je groep.
– In plaats van spelen op de instrumenten laat je de kinderen eerst luisteren naar de muziek of het lied.
– En via het zingen kom je uiteindelijk toch terecht bij je les over lezen en noteren.

Het Klank-Vorm-Betekenis model